# Werkelijk rendement op spaargeld berekenen in 2026

Met de invoering van de Wet tegenbewijsregeling box 3 betaalt u belasting over uw werkelijke inkomsten uit spaargeld als deze lager zijn dan het fictieve rendement. Ontdek hoe het werkelijk rendement in 2026 wordt berekend en vergeleken met de standaardmethode.

**Published:** 2026-07-05  
**Updated:** 2026-07-05  
**Source:** https://aztajournal.com/nl/werkelijk-rendement-spaargeld-box3-2026

---

> Met de invoering van de Wet tegenbewijsregeling box 3 is het mogelijk om belasting te betalen over uw werkelijke inkomsten uit spaargeld als dit lager is dan het forfaitaire rendement. Dit artikel legt uit hoe u dit rendement in 2026 berekent en vergelijkt met de standaardmethode.

Hoe berekent u het werkelijk rendement op spaargeld in box 3 voor het belastingjaar 2026? Indien uw daadwerkelijk behaalde spaarrente lager uitvalt dan het wettelijk vastgestelde fictieve rendement, mag u dankzij de Wet tegenbewijsregeling box 3 uitgaan van uw werkelijke opbrengsten. De Belastingdienst heft vervolgens automatisch belastingen over de voor u meest voordelige en laagste uitkomst van deze twee berekeningsmethoden.

## Belangrijkste inzichten over het werkelijk rendement in 2026

- De Wet tegenbewijsregeling box 3 beschermt spaarders door altijd te heffen op basis van de voor de belastingplichtige voordeligste methode.
- De tegenbewijsregeling kan de uiteindelijke belastingheffing in box 3 nooit hoger maken dan de forfaitaire berekening.
- Voor het belastingjaar 2025 en 2026 verloopt de opgave van het werkelijk rendement direct digitaal via de reguliere aangifte inkomstenbelasting.
- De opgave van het werkelijke rendement moet verplicht over het volledige box 3-vermogen worden berekend, inclusief eventuele beleggingen en vastgoed.

## Hoe werkt het werkelijk rendement op spaargeld in box 3?

De tegenbewijsregeling biedt de mogelijkheid om de werkelijke inkomsten op te geven in plaats van het verplichte forfaitaire rendement.

Onder de Wet tegenbewijsregeling box 3, die sinds 1 juli 2025 van kracht is, past de Belastingdienst automatisch de gunstigste methode toe. Dit betekent dat uw belastingdruk daalt wanneer uw werkelijk behaalde rente lager is dan het forfaitaire percentage dat voor die categorie geldt.

Deze regeling is ontworpen om rechtsherstel te bieden. Hierdoor kan de uiteindelijke aanslag over uw vermogen door het leveren van tegenbewijs nooit hoger uitvallen dan bij de standaard forfaitaire berekening.

## Wat is het forfaitaire (fictieve) rendement in 2026?

Het forfaitaire rendement is een wettelijk vastgesteld fictief groeipercentage van uw vermogen dat als basis dient voor de standaardbelastingheffing.

Op basis van de berekeningen van de Belastingdienst gelden er voor het belastingjaar 2026 specifieke voorlopige percentages per vermogenscategorie. Deze forfaits bepalen de hoogte van het fictieve inkomen waarover vervolgens 36% belasting wordt geheven, na aftrek van het toepasselijke heffingsvrije vermogen.

| Categorie | Voorlopig percentage 2026 | Heffingsvrij vermogen (zonder partner) | Heffingsvrij vermogen (met partner) | Belastingtarief |
| --- | --- | --- | --- | --- |
| Banktegoeden / spaargeld | 1,28% | € 59.357 | € 118.714 | 36% |
| Overige bezittingen | 6,00% | € 59.357 | € 118.714 | 36% |
| Schulden in box 3 | 2,70% | N.v.t. | N.v.t. | 36% |

## Hoe bereken je het werkelijk rendement over spaargeld?

De berekening van het werkelijk rendement omvat alle daadwerkelijke inkomsten en waardeveranderingen van uw vermogensbestanddelen binnen een kalenderjaar.

Bij de bepaling van uw werkelijke rendement volgens de richtlijnen van de Belastingdienst dient u rekening te houden met specifieke positieve en negatieve elementen van uw gehele box 3-vermogen. Let op dat het nominale rendement leidend is en er wettelijk geen inflatiecorrectie mag worden toegepast.

- Inkomsten uit spaargeld (ontvangen bankrente)
- Dividenden op aandelen of participaties in beleggingsfondsen
- Directe huurinkomsten uit de verhuur van vastgoed
- Gerealiseerde waardestijgingen bij verkoop met winst
- Ongerealiseerde waardestijgingen van effecten en overige bezittingen
- De bijtelling eigen gebruik vanaf 2026 voor een tweede woning of ander eigen vastgoed
- Aftrekbare rentekosten op uw schulden binnen box 3
- Ongerealiseerde waardeverliezen op uw beleggingsportefeuille

## Rekenvoorbeeld: werkelijk rendement op spaargeld vs. forfait

Een rekenvoorbeeld verduidelijkt het directe fiscale verschil tussen de standaard forfaitaire methode en de berekening op basis van werkelijke opbrengsten.

Stel dat u in het belastingjaar 2026 een spaarsaldo heeft van € 150.000 zonder fiscale partner. Na aftrek van het heffingsvrije vermogen van € 59.357 bedraagt uw grondslag sparen en beleggen € 90.643. We nemen aan dat u over dit jaar een bedrag van € 1.500 aan werkelijke rente heeft ontvangen op uw bankrekening.

Bij de forfaitaire methode wordt uitgegaan van het tarief voor banktegoeden. Dit resulteert in een fictief rendement van € 90.643 vermenigvuldigd met 1,28%, wat uitkomt op € 1.160. De belastingheffing over dit forfaitaire bedrag is bij een tarief van 36% gelijk aan € 417.

Bij de werkelijke methode deelt u de opbrengsten pro rata toe aan de grondslag. Het werkelijke rendement over de grondslag is dan € 90.643 gedeeld door € 150.000, vermenigvuldigd met € 1.500, wat resulteert in € 906. De belasting over dit werkelijke rendement bedraagt € 906 vermenigvuldigd met 36%, wat neerkomt op € 326. De tegenbewijsregeling levert u in dit scenario een voordeel op van € 91.

## Wanneer is de tegenbewijsregeling voordelig voor spaarders?

De tegenbewijsregeling levert financieel voordeel op zodra de werkelijk ontvangen rente over uw vermogen lager uitvalt dan het forfait van 1,28%.

Spaarders moeten er echter rekening mee houden dat de Wet tegenbewijsregeling box 3 eist dat het werkelijke rendement over het totale box 3-vermogen wordt berekend. Indien u naast uw spaargeld ook overige bezittingen heeft, zoals aandelen of een tweede woning, tellen de resultaten daarvan verplicht mee.

Als uw beleggingen of vastgoed een positieve waardestijging doormaken, kan dit het totale werkelijke rendement flink verhogen. In dat specifieke geval kan de som van de werkelijke rendementen hoger uitvallen dan de forfaitaire berekening, waardoor de tegenbewijsregeling niet meer voordelig is.

## Hoe doe je aangifte over fiscaal jaar 2025 en 2026?

De wijze van aangifte doen over uw werkelijke inkomsten verschilt sterk tussen recente belastingjaren en historische perioden.

Vanaf het belastingjaar 2025 is de opgave van het werkelijk rendement volledig geïntegreerd binnen de standaard digitale aangifte inkomstenbelasting van de Belastingdienst. Er zijn voor de belastingjaren 2025 en 2026 dan ook geen aparte formulieren of externe verzoeken meer nodig om aanspraak te maken op de tegenbewijsregeling.

Voor de historische belastingjaren van 2017 tot en met 2024 verloopt de procedure anders. Hiervoor dient u gebruik te maken van het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement via de portal Mijn Belastingdienst, waarbij de uiterste indieningstermijn voor fiscaal dienstverleners is vastgesteld op 1 oktober 2026.

## Wat verandert er aan box 3 in het nieuwe stelsel vanaf 2028?

De overgang naar een permanent nieuw belastingstelsel in box 3 zal de huidige overbruggingswetgeving en de tegenbewijsregeling definitief vervangen.

Het kabinet is voornemens om per 1 januari 2028 een volledig nieuw en structureel box 3-stelsel te introduceren dat gebaseerd is op de daadwerkelijke vermogensaanwas. Het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 is op 12 februari 2026 aangenomen door de Tweede Kamer en bevindt zich momenteel in de behandelfase bij de Eerste Kamer.

### Wat is de tegenbewijsregeling in box 3?

De tegenbewijsregeling is een wettelijke regeling die belastingplichtigen sinds 1 juli 2025 de mogelijkheid biedt om belasting te betalen over het werkelijke rendement op hun box 3-vermogen in plaats van over het fictieve forfaitaire rendement, mits dat lager is.

### Kan de belasting in box 3 hoger worden als ik mijn werkelijk rendement opgeef?

Nee, door de werking van de Wet tegenbewijsregeling box 3 kan de belastingheffing nooit hoger uitvallen dan de berekening via de standaard forfaitaire methode. De Belastingdienst past automatisch de voor u meest voordelige optie toe.

### Hoeveel spaargeld is belastingvrij in 2026?

In het belastingjaar 2026 bedraagt het heffingsvrije vermogen in box 3 € 59.357 per persoon. Indien u een fiscale partner heeft, is het gezamenlijke heffingsvrije vermogen vastgesteld op € 118.714.

### Moet ik een apart OWR-formulier invullen voor de belastingaangifte over 2025?

Nee, vanaf het belastingjaar 2025 is de opgave voor het werkelijk rendement volledig ingebouwd in het reguliere digitale aangifteprogramma van de Belastingdienst. Het aparte Opgaaf Werkelijk Rendement (OWR) formulier is alleen bestemd voor de historische jaren 2017 tot en met 2024.

### Telt verliesverrekening over verschillende belastingjaren mee in box 3?

Nee, binnen de huidige systematiek van de tegenbewijsregeling in box 3 is verliesverrekening over de jaargrenzen heen niet toegestaan. Eventuele werkelijke verliezen in het ene kalenderjaar kunnen dus niet worden verrekend met rendementen in een ander fiscaal jaar.
